Terwijl de zorg voor ouderen en kinderen in Nederland op een slimme en vakkundige manier wordt uitgehold door kennelijk jongere mensen die nu al weten dat zij het later wél kunnen betalen. Wachten de ouderen en kinderen in Senegal niet zo lang op het zorgpakket. Het merendeel van de ouderen in Senegal verruild de droge zandgrond voor het beloofde paradijs ruim voor hun vijf en zestigste levensjaar. Trouwens, als je het in Nederland wel kan betalen moet je als oudere veel geduld hebben om geholpen te worden. Dat heet kwaliteitsmanagement. Een lang woord waar je een gezonde adem voor nodig hebt. Of moet dat woord als een zucht uitgesproken worden.
Iboulaye is als laatste van negen kinderen uit vrouw drie geboren. Vader is een belangrijk man. Elke ochtend gaat hij in een uniform iets regelen in de haven. Zijn huis heeft vijf kamers. In drie kamers wonen vrouw een tot en met drie. In kamer vier die wel een deur heeft, slaapt Vader. Zijn 18 kinderen slapen in de vrouwen kamers. Behalve de vier grote jongens. Die slapen in de woonkamer. Buiten is een douche van golfplaten. De jongens hebben een belangrijke taak. Later dienen zij voor hun ouders te zorgen. Zij mogen daarom vaker douchen dan de andere kinderen. Als de water rekening tenminste betaald is. Want 22 bewoners en drie geiten gebruiken behoorlijk wat water.
De Moeder van Iboulaye kwam een paar dagen na zijn geboorte om een zuigfles vragen. Wij vinden Moedermelk goed en goedkoop. Maar Moeder zei dat Iboulaye een probleem met drinken had. Waar is de baby dan? Moeder keek bedrukt naar beneden. “Hij huilt altijd en ik ben nu even weg om bij te komen”. Kom vanavond maar langs met Iboulaye dan kijken we wel even. ’s Avonds rond negen uur, het was al donker kwamen Vader en Moeder. Iboulaye huilde zachtjes en ik hoorde hem door de stof heen hijgen. Hij was klein en woog heel licht. Te licht eigenlijk. Hij had een mooi rond voorhoofd maar niet zoals gebruikelijk een groot achterhoofd. Zijn ogen waren groot en de pupillen stond op zeer wijd. Onder zijn brede neus zat een flink gat in het midden. Iboulaye had een ‘bec de lièvre’ een hazenlip dus.
Met een plakbandje over het gat en een groter gat in de speen van de zuigfles kon Iboulaye eindelijk eens een volle maaltijd genieten. Moeder was gerustgesteld. Toen Ibou in slaap was gevallen deden wij zijn vestje wat opzij. Hij had een kort en hoog zittend borst been. Dat zag er niet goed uit. Hij zou moeilijkheden met ademen houden. Voor zo lang als het duurde. Moeder vroeg of Ibou gerepareerd kon worden. Een paar dagen later had ik het antwoord. Ja, het kan als Ibou ouder is en een goede conditie heeft en het kost veel geld. Moeder leek verheugd. Maar het slechte nieuws moest nog komen. Iboulaye zou niet lang leven. Dat kan niet zonder achterhoofd en dat hoge borstbeen. Moeder huilde zachtjes.
Omdat wij het kind nu kenden konden wij met Moeder afspreken dat Ibou overdag ook bij ons kon komen huilen. In de slaapkamer was het overdag rustig en hij vond de blauwe gordijnen heel mooi als de zon er overdag doorheen scheen. Toen hij een paar maanden oud was en na een flinke longontsteking was hij weer vaak terug op het grote bed. Ibou was vaak onrustig. Maar van Mozart werd hij rustiger. Als de CD aanstond kon hij heerlijk luisteren en naar het gefilterde blauwe licht van de gordijnen turen. Vader vroeg op een avond na diep nadenken of het soms aan zijn geslachtsdeel zou hebben gelegen waardoor Ibou 'zo' was. Natuurlijk zei ik. Je hebt je plicht gedaan na 18 kinderen en dit is een zéér duidelijke boodschap van God. Vader knikte. Iboulaye is bijna vijf maanden oud geworden. Nadat ik de lichte kreukels op het bed had recht getrokken heb ik ’s avonds op het strand een nieuwe ster aan de donkere lucht gezien. Ik zucht nog weleens zoals Ibou dat kon doen als er weer eens over 'zorgmanagement' wordt gesproken.